Terug naar onderwerpen


Anw teruggevorderd bij een lat-relatie

Ik ben weduwnaar en ontvang een Anw-uitkering. Mijn vriendin heeft AOW. De SVB stelt nu dat wij te veel bij elkaar zijn geweest. Daarover zijn we allebei drie uur verhoord. Nu heeft de SVB mijn uitkering ingetrokken en moet ik met terugwerkende kracht € 28.700 terugbetalen. Ik heb inmiddels een advocaat gevonden die mij helpt. Want we waren allebei echt onwetend dat er regels waren wat wel en niet mag. Zij heeft een eigen huis en ik ook. Bestaat er voor de Nederlandse burger een algemene folder waarin de regels lat-relatie met behoud van uitkering worden omschreven?

De kwestie van een lat-relatie speelt inderdaad bij zowel de Anw en de AOW een rol. In de wet staat het ook omschreven. Wat eenvoudiger gesteld staat het in de algemene brochure van de Sociale Verzekeringsbank over de Anw en AOW. Op de site van de SVB kunt u daarover ook het volgende antwoord vinden: ‘Het kenmerk van een lat-relatie (living-apart-together) is dat beiden een eigen huishouding voeren en dat beiden het hoofdverblijf in de eigen woning hebben. U houdt dan uw alleenstaandenpensioen. Maar als u en uw partner zoveel tijd met elkaar doorbrengen dat u feitelijk uw hoofdverblijf in dezelfde woning heeft, kan de SVB tot de vaststelling komen dat u een gezamenlijke huishouding voert. Ook al heeft een van u beiden nog een eigen woonruimte. Immers, die andere woonruimte wordt niet langer gebruikt voor het voeren van een aparte huishouding. Informeer bij de SVB als u twijfelt.’ We voegen daaraan toe dat de grote moeilijkheid in deze kwestie is wat onder 'een gezamenlijke huishouding' wordt verstaan. Dat is interpretabel. De wet is daarin ook niet duidelijk. Vandaar de juiste beslissing van u om de zaak bij een advocaat neer te leggen. Toch zijn er enkele kenmerken waarop de SVB de uitkering baseert: als lat-partners gemiddeld meer dan twee nachten per week met elkaar doorbrengen in één woonruimte dan wordt dit door de SVB al gauw gezien als het voeren van een gezamenlijke huishouding. Dat gebeurt zelfs ook als men dagelijks alleen overdag bij één persoon doorbrengt. Moeilijker wordt het als men over en weer bij elkaar ‘logeert’. Een van de 'bewijzen' waarachter de SVB zich vaak verschuilt is ook de gas- en elektriciteitsrekening. Als die bij één van de twee 'verdachten' bijzonder laag is, waaruit men zou kunnen opmaken dat men nauwelijks in de eigen woning doorbrengt, dan is er al een (niet al te sterk) bewijs dat men kennelijk de meeste tijd elders doorbrengt. Of uw advocaat mogelijkheden ziet om de terugbetaling aan de SVB te bestrijden, hangt dus van dit soort overwegingen af.